Jullie profeet was barmhartig

وَمَا أَرْسَلْنَاكَ إِلَّا رَحْمَةً لِّلْعَالَمِينَ

 

wa-mā ˈarsalnāka ˈillā raḥmatan li-l-ʿālamīna

 

En Wij hebben jou slechts als barmhartigheid voor de wereldbewoners gezonden

 

al-ˈanbiyāˈ 21, 107

  • 21 februari 2020

Wat bedoelt Allah precies? De profeet (vzmh) slechts als barmhartigheid? En voor wie? Was de profeet (vzmh) ook gestuurd als barmhartigheid naar de niet-moslims? Laten we kijken naar wat de Tafsīr-geleerden zeggen over dit vers.

De werelden

De eerste vraag die imam at-Tabari stelt is: handelt dit vers over de moslims of beslaat Gods barmhartigheid de hele mensheid? Dat Tabari die vraag eerst behandelt, toont aan dat de kwestie prioritair voor hem is . Hij overloopt twee verschillende meningen en spreekt uiteindelijk zijn voorkeur uit in deze woorden: ‘’De uitspraak die door ibn ‘Abbas is overgeleverd, die luidt dat de profeet Muhammad (vzmh) is gestuurd als barmhartigheid voor de hele wereld, een barmhartigheid voor zowel moslims als niet-moslims.’’[1]

Barmhartig

Vervolgens luidt de tweede vraag: hoe was de profeet (vzmh) barmhartig voor de gehele mensheid? De profeet (vzmh) was een middel als leiding voor de moslims en alleen dat is reeds voldoende om hem de barmhartigheid voor de moslims te noemen.[2]Imam al-Baydawi legt in zijn Tafsīr uit waarom de profeet (vzmh) ook barmhartig is ten aanzien van niet-moslims. Zijn aanwezigheid was namelijk de reden dat de niet-moslims geen bestraffingen kregen op de wereld. Volkeren van andere profeten hadden dat wel moeten ondergaan.[3] Ook Kasani argumenteert op dezelfde manier: ‘’Zijn aanwezigheid onder hen is hun bescherming tegen het neerzenden van straf.’’

Laten we dat bekijken aan de hand van deze twee situaties.

  1. Ondanks alle onrecht die de profeet Muhammad (vzmh) werd aangedaan, had hij altijd het beste voor met iedereen. Zelfs voor zijn vijanden verzocht hij Allah om aanwijzing. Toen men hem vroeg om de ongelovigen te vervloeken zei hij: ‘’Voorwaar, ik ben niet als vervloeker gezonden, maar als genade.’’[4] Dat laat ons natuurlijk ook zien op welke manier hij barmhartig was.
  2. Zijn vrouw A’isha zei dat hij nooit een vrouw of bediende iets onaangenaams had aangedaan. Anas b. Malik, een metgezel die tien jaar in dienst was van de profeet (vzmh), zei: ‘’Ik weet niet dat hij ooit tegen mij heeft gezegd: ‘Waarom heb je dit nu zus en zo gedaan?’, en nooit heeft hij de minste daad van mij misprezen.’’[5] Dat klinkt makkelijk in de oren, maar als we daar bij stilstaan, wordt het duidelijk hoe tolerant de profeet (vzmh) was als persoon. Die tien jaar verliepen best turbulent en het was bovendien een tijd waar de omstandigheden helemaal niet mee zaten. Toch werd de profeet (vzmh) niet eens boos – hij heeft nooit een handeling van Anas afgekeurd! Nochtans was er uiteraard voldoende gelegenheid waarbij hij wel dat recht had, maar de profeet (vzmh) liet zien wat het is om barmhartig te zijn voor de werelden.

We kunnen dat lijstje nog met heel wat voorbeelden aanvullen.

Na de profeet (vzmh)

Dat de profeet (vzmh) barmhartig is voor de hele mensheid kan je zien in zijn doen en laten. Maar hield die barmhartigheid op met hem? Welk statuut heeft de gemeenschap van de profeet van barmhartigheid (vzmh)? De profeet (vzmh) geeft hierop een antwoord in de zogeheten Hadith van barmhartigheid: “De Barmhartige (Allah) zal barmhartig zijn voor de barmhartigen. Wees barmhartig voor degenen op Aarde, opdat zij in de Hemelen barmhartig zijn voor jou.’’[6] Verder zei hij: ‘’De geleerden zijn de erfgenamen van de profeten[7]’’. Dat betekent dat de geleerden dezelfde karaktereigenschappen moeten hebben als de profeet had (vzmh). Zijn belangrijkste kwaliteit is zijn barmhartigheid, bijgevolg moesten de geleerden dat overbrengen aan de volgende generaties. Hierop hadden zij een goede werkmethode bedacht. Deze traditie is toegepast vanaf de tijd van Sufyan b. ‘Uyayna tot op vandaag. Wanneer een student bij zijn leraar komt om te studeren, moet hij altijd ‘de eerste Hadith’ horen, dus de zonet geciteerde Hadith van de barmhartigheid. Eenmaal zelf leraar geworden, moet hij op zijn beurt de aspiranten die Hadith aanleren, vóór de studie begint. Op die manier valt het eerste studieobject van de student gelijk met de belangrijkste eigenschap die hij of zij moet hebben. En zo is ook de barmhartigheid van de profeet Muhammad (vzmh) na zijn heengaan bewaard gebleven. [8]

 

[1] Muhammad, al-Tabarī, Jamī’ al-Bayān fī Ta’wīl al-Qur’ān. Beiroet, Mu’assastu al-Risāla 2000, d. 18 b. 552

[2] Al-Tabarī, Jamī’ al-Bayān fī Ta’wīl al-Qur’ān, d. 18, b. 552.

[3] Nasiruddin al-Baydāwī. Anwār al-Tanzīl wa Asrar al-Ta’wil. Beiroet, Dār Iḥyā al-Turāth al-‘Arabī, 1996, d. 4 p. 62.

[4] Bukharī en Muslim

[5] Muslim

[6] Tirmidhi, Abū Dawūd

[7] Abū Dawūd

[8] Abdulhay al-Kittani. Fihris al-faharis. Dar al-Gharb al-Islāmī, 1982.

Ismāʿīl Ḥaqqī al-Brūsawī (1653 – 1725)

إنّ ما بُعثتَ به سبب لسعادة الدارين ومنشأ لانتظام مصالحهم في النشأتين

De profeet heeft zijn zending gekregen om louter geluk en rechtvaardigheid te brengen naar de twee werelden op Aarde, die van de mens en de wereld van de djinns. Wie zich verwijdert van die weg, maakt zich los van Zijn genade. Sommige exegeten voegen eraan toe dat die absolute barmhartigheid gericht is aan elke levensvorm, met de rede begaafd of niet, en aan de fysieke en spirituele werelden. (rūḥ al-bayān fī tafsīr al-qurʾānB. 5, p. 527)

 

Wahba al-Zuḥaylī (1932 – 2015)

أي وما أرسلناك يا محمد بشريعة القرآن وهديه وأحكامه إلا لرحة جميع العالم من الإنس والجن في الدنيا والآخرة

De profeet openbaart de barmhartigheid. Hij is een gids die aan de werelden de te volgen wegtoont: de koranische wet (šarīʾa). De niet-gelovigen die in conflict kwamen met de islamitische strijdkrachten waren krijgsmatig verzekerd, dankzij de wet van de profeet, om bij de nederlaag niet te worden vernederd of uit hun huis te worden gezet. Tenslotte bevestigt de profeet in een Hadith dat hij niet als vloek is gezonden maar als genade[1]. (al-Tafsīr al-Munīr, B. 9, p. 156)

[1] Overgeleverd door Abū Hurayra in de verzameling van Muslim : «Ik ben niet gezonden omwille van een vloek maar uit barmhartigheid. » De brontekst : “إِنِّي لَمْ أُبْعَثْ لَعَّانًا، وَإِنَّمَا بُعِثْتُ رَحْمَة”

 

Nāṣir Mukārim al-Šayrāzī (geboren in 1926)

فإنّ عامة البشر في الدنيا، سواء الكافر منهم والمؤمن، مشمولون لرحمتك

Want de mensen op de wereld, gelovig of niet, zijn door de genade omzwachteld. De profeet werd in feite gezonden om een universele religie te verspreiden, met als doel de mensheid in vrijheid te stellen. De mens heeft de keus om wel of niet van die barmhartigheid te genieten. Zij is als een hospitaal dat openstaat voor allen, dat alle ziekten kan genezen. De barmhartigheid is van kracht in elk tijdperk en richt zich zelfs tot creaturen als de engelen. (al-amṯal fī tafsīr kitāb Allāh al-munazzal, B. 8, p. 293)

Over het leven van de Profeet Mohammed zijn veel films gemaakt en poëzie of literatuur geschreven. Ook is het een traditie in de islamitische wereld om elk jaar zijn verjaardag, oftewel de Mawlid an-Nabawi uitbundig te vieren met lofliederen en lezingen. Zo wordt elk jaar zijn bestaan geprezen. Deze video is stuk uit de film 'A Mercy to Mankind'.
Deze video is een gedicht van de poëet Baraka Blue over de Profeet Mohammed.