Naar

Voor de gelovige zijn er maar twee opties:

janna, het paradijs – ik heb je er al over verteld,

of al-naar, de hel!

 

En de hel, waar vinden we die dan eigenlijk? Wel, we gaan zoeken in de stam, zoals bij de andere woorden. Je weet al hoe het moet: zoek de stam van een woord, je schrapt… de klinkers. Er blijft over: N en R.

Zo missen we er een. Het is de medeklinker in het midden, zoals we reeds gezien hebben bij dien, weet je’t nog? Bij dienhadden we na de a een halfklinker die de rol van medeklinker op zich neemt. Hier is dat een W. De stam van naar is dus NWR en dat geeft ons het werkwoord nara, maar nog eens – de W van de stam heeft zich vermomd in die lange aa.

Nara, wat betekent dat, nara… da’s schitteren.

Maar we zijn in Arabië en daar zijn er twee soorten van licht: dat van de nacht, noer, het zachte licht van de maan. Dat terwijl naar het brandende licht van de dag is, die van de ondraaglijke zon van Arabië waaraan je kan sterven. Naar is dus niet zoals in het modern Arabisch “de vlam” maar wel “het vuur van de zon”.

Daarom is de hel van de Koran, of als je dat liever hebt de hel verbeeld door de inwoners van Arabië in de tijd van de profeet, een plek van vuur waar de mens wordt tentoongesteld, open en bloot, aan een brandende zon, die hem kon doen sterven.

Wanneer de maatschappij verandert… verandert ook de betekenis van de woorden. Met het imperium en de uitbreiding van de islam buiten Arabië zal de hel die samenhing met de leeftoestand in de woestijn, plaats maken voor taferelen van ketels vol vlammen, omringd door demonen, die de verdoemden weerhouden daaruit te ontsnappen.

Dat visioen is volledig in lijn met de Korantekst waarin de veroordeelde mens eerst van zijn familie gescheiden wordt – wat een drama is voor hem; en hij alleen kokend water kan drinken dat zijn darmen uiteen rijt – de regen van de zomerstormen; en waarbij het eten beperkt wordt tot doornen, zoals een kameel.

Koran 47:12 zegt ons: “Ze zullen eten zoals de kamelen eten! Ze krijgen als voedsel enkel het slechtste kamelenvoer: doornen uit de woestijn, dat niet voedt en de honger niet stilt.”

Heb je het begrepen? De voorstelling van de hel, zoals die van het paradijs… geeft antwoorden op het ergste of het beste dat de mensen zich voorstellen in elk tijdperk.

En ieder tijdperk is anders.

En jij dan? Wat gaat er in jouw hoofd om?

Ik ben er zeker van dat je geen bedoeïen bent uit Arabië.

  • 20 februari 2020

De woorden uit de Koran door Prof. Jacqueline Chabbi, Historica van de islamitische wereld.