Hoeri

20 juli 2019

Je hebt vast al horen spreken over de hoeri’s.

Enkel van horen zeggen natuurlijk want…

om ze te zien,

moet je naar al-janna gaan, het paradijs.

 

Een vervelende kwestie omtrent hoeri in het Arabisch, is dat “hoeri” niet op zich bestaat als louter één woord, maar de omzetting is van een uitdrukking die samengesteld is uit twee woorden: hoer ‘ien. Het brengt het idee over dat iemand grote diepdonkere ogen heeft en dat werd beschouwd als een teken van grootse schoonheid.

Hoeri was een vaste uitdrukking die niet in het enkelvoud bestond en letterlijk betekende: oogwit hebben dat zich duidelijk aftekent en contrasteert met een zeer donkere pupil.

De hoer ‘ien worden enkel in de Koran vermeld wanneer de profeet nog in Mekka is, in wat heet: de Mekkaanse periode. Ze worden beloofd in het toekomstige leven als beloning aan zij die de alliantie met God willen aangaan, of zo je wilt: met de boodschap van Mohammed.

Let wel: ze zijn beloofd. Ja, maar enkel aan de Mekkanen… van die tijd!

De gangbare opvatting luidt dat de hoeri’s beloofd zijn aan de dappere vechters – maar welnu: de Mekkanen vochten niet! Bijgevolg werden de schoonheden met de donkere ogen niet meer bovengehaald, want niemand geloofde erin. Ze werden algauw niet meer opgeroepen en de Koran spreekt er nooit meer over.

Waar komt dan dat verhaal vandaan van die 72 maagden die beloofd zijn aan de strijders?

Je moet ongeveer een eeuw wachten voor die mythe zich verankert in de verhalen van de populaire verhalenvertellers. Zij speelden met de tegenstelling tussen de tarhieb, de angst voor de hel, en de targieb, de heerlijkheden van het paradijs. Dan zal het idee een grote sprong voorwaarts maken in de religieuze literatuur.

Vandaag is de mythe van de hoeri’s gekaapt als argument om iemand te rekruteren als kandidaat-jihadi.

Ze verbeelden zich dat 72 maagden de meest heldhaftigen zou opwachten in het paradijs van de martelaren.

Maar alvorens dat naar hun hoofd stijgt, is het misschien beter dat ze eerst eens van meer nabij naar de Koran kijken, waar niets van dat alles hun is beloofd.

 

De woorden uit de Koran door Prof. Jacqueline Chabbi, Historica van de islamitische wereld.